Drugsproblematiek in Duitse binnensteden: hulpcentra als oplossing of risico?
De open drugsscene in Duitse binnensteden staat opnieuw hoog op de politieke agenda. In Keulen en Düsseldorf willen de stadsbesturen speciale verslavingscentra openen om gebruikers van straat te halen. Het plan stuit echter op stevige weerstand van buurtbewoners, die vrezen voor onveiligheid en extra overlast. De discussie raakt aan een bredere vraag die ook in Nederland speelt: hoe combineer je humanitaire verslavingszorg met de leefbaarheid van woonwijken?
Open drugsscene als zichtbaar probleem
Wie rondloopt op de Neumarkt in Keulen, ziet het probleem met eigen ogen: gebruikers die openlijk crack roken, kleine pakketjes drugs die worden uitgewisseld en mensen die versuft tegen winkelpuien zitten. Ondernemers en passanten klagen al jaren over overlast en een gevoel van onveiligheid. De stad wil daarom meerdere verslavingscentra in het centrum openen. Het eerste centrum moet op loopafstand van de Neumarkt verrijzen, dicht bij een woonwijk en nabij scholen en kinderdagverblijven.
Het Zürich-model als inspiratie
Het concept is gebaseerd op het zogenaamde Zürich-model. Dat model ontstond in de jaren negentig in de Zwitserse stad Zürich, toen de open drugsscene daar volledig uit de hand liep. In speciale centra mogen verslaafden hun drugs gebruiken onder toezicht. Er is medische begeleiding, voedsel, kleding, advies en soms zelfs slaapruimte. Opvallend: in beperkte mate mogen gebruikers onderling ook kleine hoeveelheden drugs doorverkopen binnen het centrum. Het idee daarachter is dat de handel zich concentreert in een gecontroleerde omgeving, zodat de openbare ruimte wordt ontlast.
Duitse verslavingsdeskundigen zien dit als een pragmatische aanpak. Het doel is niet om drugsgebruik onmiddellijk uit te bannen, maar om schade te beperken en contact te houden met een moeilijk bereikbare groep.
Hoge tolerantie binnen, nulbeleid buiten
De sociale wethouder (Sozialdezernent) van Keulen, Harald Rau, benadrukt dat het om een duidelijke tweedeling gaat: binnen het centrum geldt een hoge tolerantie, daarbuiten een strikt zero tolerance beleid. Politie en handhaving zouden rond de centra intensiever controleren. Openlijk gebruik en handel op straat moeten worden teruggedrongen.
Die combinatie van hulp en repressie is politiek gevoelig. In Duitsland ligt drugsbeleid traditioneel tussen gezondheidszorg en openbare orde in. Anders dan bijvoorbeeld in Nederland, waar coffeeshops al decennia deel uitmaken van het straatbeeld, is openlijk drugsgebruik in Duitse binnensteden vaak minder gereguleerd en daardoor zichtbaarder problematisch.
Buurtbewoners vrezen ‘aantrekkende werking’
In het Pantaleonsviertel in Keulen hebben bewoners zich verenigd in een actiegroep. Zij zeggen niet tegen het concept te zijn, maar vragen zich af waarom het centrum juist in hun woonwijk moet komen, dicht bij scholen en kinderopvang. De zorg is dat er rondom het centrum een nieuwe infrastructuur van dealers ontstaat. “De drugs moeten immers ergens vandaan komen”, is een veelgehoord argument.
Ook in Düsseldorf klinkt vergelijkbare kritiek. Daar moet een verslavingscentrum pal naast twee scholen komen. Een schooldirecteur waarschuwt voor confrontaties met agressieve crackgebruikers en achtergelaten spuiten op het schoolplein. Ouders maken zich zorgen over hoe zij hun kinderen moeten voorbereiden op zulke situaties.
Waarom juist in woonwijken?
Volgens de stadsbesturen is de locatiekeuze geen toeval. Een centrum moet dicht bij de bestaande hotspots liggen, anders zullen verslaafden er geen gebruik van maken. Wordt het centrum te ver buiten het centrum geplaatst, dan blijft de drugsscene simpelweg op straat bestaan.
Dit dilemma is herkenbaar in meerdere Duitse steden. In Frankfurt, Hamburg en Berlijn zijn vergelijkbare discussies gevoerd. Het gaat telkens om dezelfde afweging: verplaats je het probleem of los je het daadwerkelijk op?
Politiek besluit en bredere trend
De gemeenteraad (Stadtrat) van Keulen heeft inmiddels een eerste planningsbesluit genomen. Binnen enkele weken volgt mogelijk het definitieve bouwbesluit. Tegenstanders hopen de locatie nog te kunnen beïnvloeden.
Opvallend is dat vrijwel alle betrokken partijen erkennen dat er iets moet gebeuren. Niemand wil de huidige situatie rond de Neumarkt laten voortbestaan. Het conflict draait niet om de vraag óf er hulp nodig is, maar waar en onder welke voorwaarden.
Ook Nederlandse steden worstelen met zichtbare verslaving, dakloosheid en overlast. De Duitse keuze voor een combinatie van ruime tolerantie binnen gecontroleerde centra en strenge handhaving daarbuiten kan een richtinggevend experiment worden.
De komende maanden zullen uitwijzen of Keulen en Düsseldorf daadwerkelijk kiezen voor deze ingrijpende koerswijziging – en of het Zürich-model ook in Noordrijn-Westfalen standhoudt.
