De Duitse regering heeft fel gereageerd op Amerikaanse sancties tegen de leiding van HateAid, een Duitse organisatie die slachtoffers van online haat en bedreigingen ondersteunt. Volgens Berlijn gaat het om een ongeoorloofde inmenging in Europese wetgeving en democratische besluitvorming. Ook Brussel en meerdere Europese regeringsleiders spreken van een ernstige diplomatieke kwestie.
Amerikaanse sancties tegen Europese activisten
De Amerikaanse regering heeft de directrices van HateAid, Anna-Lena von Hodenberg en Josephine Ballon, een inreisverbod opgelegd. In Amerikaanse verklaringen worden zij neergezet als ‘radicale activisten’ die zouden bijdragen aan censuur op sociale media.
Volgens Washington speelt HateAid een rol bij de uitvoering van de Digital Services Act (DSA), een Europese wet die grote online platforms verplicht om illegale inhoud te verwijderen. In de Amerikaanse kritiek wordt deze wet afgeschilderd als een instrument om politieke meningen te onderdrukken.
Duitse ministers verdedigen Europese wetgeving
De Duitse minister van Buitenlandse Zaken Johann Wadephul (CDU) noemde de sancties “niet acceptabel”. Hij benadrukte dat de Digital Services Act democratisch is vastgesteld en uitsluitend geldt binnen de Europese Unie. Wat offline strafbaar is, moet volgens deze wet ook online strafbaar zijn.
Ook de Duitse minister van Justitie Stefanie Hubig (SPD) sprak haar steun uit voor HateAid. De organisatie beschermt volgens haar fundamentele rechten zoals privacy en persoonlijke veiligheid in de digitale ruimte. Het verwijt van censuur noemt zij een verdraaiing van de rechtsstaat.
Europese Commissie en lidstaten spreken van inmenging
De sancties treffen niet alleen Duitse activisten. Ook Thierry Breton, een van de architecten van de Digital Services Act, kreeg een Amerikaans inreisverbod. Daarnaast zijn onder meer Imran Ahmed en Clare Melford gesanctioneerd.
De Europese Commissie heeft de Verenigde Staten om opheldering gevraagd en sluit verdere stappen niet uit. Commissievoorzitter Ursula von der Leyen benadrukte dat vrijheid van meningsuiting de kern vormt van de Europese democratie. Ook António Costa noemde de Amerikaanse maatregelen “onaanvaardbaar tussen bondgenoten”.
De Franse president Emmanuel Macron sprak zelfs van intimidatie en politieke druk. Europa zal volgens hem vasthouden aan digitale soevereiniteit en eigen regelgeving.
HateAid: ‘Wij laten ons niet intimideren’
HateAid zelf wijst de beschuldigingen van censuur resoluut van de hand. Volgens de organisatie draait het juist om het handhaven van bestaande wetten en het beschermen van mensen tegen bedreiging, haat en intimidatie online. De inreisverboden worden door HateAid omschreven als een repressieve maatregel die critici moet afschrikken.
De directrices stellen dat hun werk gevoelige economische belangen raakt. Strikte handhaving van Europese regels kost grote techplatforms veel geld en beperkt hun speelruimte. Juist daarom, zo zeggen zij, is de weerstand zo fel.
