Ebolapatiënt verlaat Charité na succesvolle behandeling in Berlijn
De Berlijnse universiteitskliniek Charité heeft met succes een Amerikaanse arts behandeld die besmet was geraakt met een zeldzame variant van het ebolavirus. Na ruim twee weken behandeling mocht de man zaterdag het ziekenhuis verlaten. Ook zijn vrouw en vier kinderen, die uit voorzorg in quarantaine verbleven, bleken niet besmet.
De zaak trekt internationale aandacht omdat het gaat om het Bundibugyo-virus, een relatief zeldzame vorm van ebola waarvoor momenteel geen goedgekeurd vaccin of specifieke behandeling bestaat.
Zeldzame vorm van ebola
De 39-jarige arts liep de infectie op tijdens zijn werkzaamheden in de Democratische Republiek Congo. Op 20 mei werd hij vanuit Oeganda met een speciaal medisch vliegtuig naar Berlijn overgebracht en opgenomen op de speciale isolatieafdeling van de Charité.
Bij aankomst verkeerde hij volgens het ziekenhuis in een verzwakte toestand. Hij had typische symptomen van een ebolabesmetting en een hoge virusbelasting. De arts kreeg een combinatie van antivirale medicijnen, ondersteunende zorg en experimentele behandelingen die momenteel worden onderzocht voor deze virusvariant.
Volgens de Charité verbeterde zijn toestand al in de eerste week aanzienlijk. De klachten namen af en ook de laboratoriumwaarden normaliseerden.
Sinds eind mei geen virus meer aangetoond
Sinds 30 mei werd bij dagelijkse controles geen virus meer vastgesteld. Nadat de patiënt meer dan 72 uur volledig klachtenvrij was gebleven en meerdere PCR-tests negatief uitvielen, kon het verantwoordelijke gezondheidsbureau de isolatiemaatregel opheffen. Na een laatste medische controle mochten de arts en zijn familie zaterdag de Charité verlaten.
Ook de echtgenote en vier kinderen van de patiënt verbleven gedurende 21 dagen in quarantaine. Zij werden als hoogrisicocontacten beschouwd, maar ontwikkelden geen symptomen. Uit laboratoriumonderzoek bleek bovendien dat geen van hen besmet was geraakt.
Behandeling op speciale isolatieafdeling
De patiënt werd verzorgd op de speciale isolatieafdeling van de Charité op de Campus Virchow-Klinikum. Deze streng beveiligde afdeling is volledig afgescheiden van de reguliere ziekenhuiszorg en is bedoeld voor patiënten met zeer besmettelijke en potentieel levensbedreigende infectieziekten.
Volgens het Duitse Ministerie van Volksgezondheid bestond daardoor op geen enkel moment gevaar voor andere patiënten of voor de bevolking van Berlijn. Professor Leif Erik Sander, directeur van de kliniek voor infectieziekten en intensive care van de Charité, spreekt van een belangrijke medische prestatie.
Volgens hem toont deze zaak opnieuw aan hoe belangrijk gespecialiseerde isolatiecentra zijn voor de behandeling van gevaarlijke infectieziekten. Alleen dankzij de combinatie van speciale infrastructuur, medische expertise en hoogopgeleid personeel kon de patiënt onder maximale veiligheidsvoorwaarden worden behandeld.
Dankbaarheid en aandacht voor Congo
De genezen arts sprak na zijn ontslag zijn dank uit aan het medische team van de Charité. Hij benadrukte dat hij toegang had gekregen tot hoogwaardige zorg en experimentele therapieën die voor veel mensen in Congo niet beschikbaar zijn. Tegelijkertijd sprak hij zijn medeleven uit met de bevolking van het Centraal-Afrikaanse land, waar de uitbraak nog altijd voortduurt.
Uitbraak nog niet onder controle
Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) is de huidige ebola-uitbraak in Congo en Oeganda nog verre van onder controle. De Afrikaanse gezondheidsorganisatie Africa CDC meldde onlangs 381 bevestigde besmettingen in Congo, waaronder 62 sterfgevallen. De WHO vermoedt dat het werkelijke aantal gevallen hoger ligt. In buurland Oeganda zijn tot nu toe zestien besmettingen en één sterfgeval geregistreerd.
De succesvolle behandeling in Berlijn verandert niets aan de ernstige situatie in Centraal-Afrika, maar laat wel zien welke mogelijkheden gespecialiseerde medische centra bieden bij de bestrijding van gevaarlijke infectieziekten.
