Duitse Bondsdag geeft groen licht voor drie nieuwe spoorlijnen
Duitsland wil de komende decennia miljarden investeren in nieuwe spoorverbindingen. De Bondsdag heeft nu ingestemd met de verdere planning van drie grote spoorprojecten in het noorden, oosten en zuiden van het land. Het gaat om een nieuwe hogesnelheidslijn tussen Augsburg en Ulm, een spoorverbinding van Dresden richting Tsjechië en een uitbreiding van de zogenoemde Marschbahn naar het eiland Sylt.
Hoewel de eerste schop voorlopig nog niet de grond in gaat, betekent het besluit in Berlijn een belangrijke stap voor de verdere uitwerking van de projecten. Duitsland probeert al jaren het verouderde spoorwegnet te moderniseren, maar loopt daarbij regelmatig tegen financiële tekorten, trage procedures en capaciteitsproblemen aan.
Miljardenproject tussen Augsburg en Ulm
Het grootste project ligt in Beieren. Tussen Augsburg en Ulm moet een volledig nieuwe spoorlijn komen, omdat de bestaande verbinding volgens spoorbeheerder InfraGO nauwelijks nog uit te breiden is. De huidige spoorlijn is ongeveer 170 jaar oud.
De nieuwe hogesnelheidslijn moet grotendeels parallel aan de Autobahn A8 komen te liggen. ICE-treinen zouden er straks snelheden tot 300 kilometer per uur kunnen halen.
Daardoor daalt de reistijd tussen Augsburg en Ulm van ruim veertig minuten naar ongeveer 26 minuten. Dat is niet alleen belangrijk voor binnenlands treinverkeer, maar ook voor internationale verbindingen tussen Parijs, München en Wenen.
De kosten worden momenteel geraamd op minstens 8,2 miljard euro.
Nieuwe verbinding richting Praag
Ook in Oost-Duitsland staat een ambitieus spoorproject op stapel. Tussen Dresden en de Tsjechische grens moet een nieuwe spoorlijn komen als onderdeel van een toekomstige hogesnelheidsverbinding tussen Berlijn, Praag en Wenen.
Het opvallendste onderdeel van het project wordt een tunnel van ongeveer dertig kilometer door het Ertsgebergte op de grens van Duitsland en Tsjechië.
Volgens het Duitse ministerie van Verkeer moet de reistijd tussen Dresden en Praag dalen van ongeveer 2,5 uur naar slechts één uur. Tegelijkertijd moet de nieuwe lijn de overbelaste spoorverbinding door het Elbedal ontlasten. Ook omwonenden zouden daardoor minder geluidsoverlast ervaren.
Voor dit project wordt rekening gehouden met kosten van minstens 5,6 miljard euro. De bouwstart staat voorlopig gepland voor eind 2032. De ingebruikname wordt pas rond 2044 verwacht.
Voordat Duitsland en Tsjechië definitieve afspraken kunnen maken, moet eerst duidelijk worden hoe de financiering precies rondkomt.
Spoor naar Sylt blijft knelpunt
In het noorden van Duitsland draait het vooral om betere bereikbaarheid van het populaire Waddeneiland Sylt in Sleeswijk-Holstein. De spoorlijn tussen Niebüll en Westerland geldt al jaren als een knelpunt, vooral in vakantieperiodes.
Het plan voorziet in extra dubbelspoor op meerdere trajecten van de zogenoemde Marschbahn. Daardoor moet het treinverkeer betrouwbaarder worden en kunnen vertragingen beter worden opgevangen.
De kosten voor dit project worden geraamd op ongeveer 426 miljoen euro. Volgens InfraGO kan de bouw in de zomer van 2032 beginnen. De ingebruikname staat voorlopig gepland voor 2039.
Miljarden tekort blijft probleem
Ondanks de politieke goedkeuring is de financiering van de projecten nog niet volledig geregeld. Het Duitse ministerie van Verkeer waarschuwt dat er de komende jaren miljarden euro’s ontbreken voor geplande spoorinvesteringen.
Dat probleem speelt breder in Duitsland. Het spoorwegnet kampt al jaren met achterstallig onderhoud, verouderde infrastructuur en capaciteitsproblemen. Tegelijkertijd groeit de politieke druk om meer reizigers uit het vliegtuig en de auto in de trein te krijgen.
Voor Nederlandse reizigers kunnen vooral de plannen richting Praag en Zuid-Duitsland op termijn interessant worden. Duitsland blijft immers een belangrijk doorvoerland voor internationale treinverbindingen in Europa.
