AI in de klas: Duitse deelstaat maakt chatbot ‘Telli’ breed inzetbaar

Illustratie van AI-chatbot Telli op een beeldscherm in een Duitse klas in Nedersaksen
Illustratie: AI-chatbot Telli wordt in Nedersaksen ingezet in het onderwijs. ©Duitsland Vandaag - Allard van Gent

AI wordt net zo normaal als elektriciteit

De Duitse deelstaat Nedersaksen zet een opvallende stap: vanaf nu kunnen alle scholen gebruikmaken van de speciaal voor het onderwijs ontwikkelde AI-chatbot ‘Telli’. Daarmee wordt kunstmatige intelligentie structureel onderdeel van het klaslokaal.

Volgens de Nedersaksische minister van Onderwijs Julia Willie Hamburg (Groenen) moeten leerlingen worden voorbereid op een wereld waarin AI alomtegenwoordig is. “Over een paar jaar is AI zo normaal als elektriciteit”, aldus een betrokken schooldirecteur tijdens de landelijke invoering. De beslissing past in een bredere Duitse discussie over digitalisering, dataveiligheid en de rol van technologie in het onderwijs.

Wat is ‘Telli’ precies?

‘Telli’ is geen algemene commerciële chatbot, maar een systeem dat sinds 2024 speciaal voor scholen is ontwikkeld in een gezamenlijk project van meerdere Duitse deelstaten. Het platform draait op servers binnen de Europese Unie. Volgens het ministerie van Onderwijs worden gebruiksgegevens niet doorgegeven aan derden en ook niet gebruikt om het model verder te trainen.

Dat is in Duitsland een cruciaal punt. Door de strenge privacycultuur en de invloed van de Datenschutz-Grundverordnung (AVG) is er veel terughoudendheid rond Amerikaanse AI-systemen. Een eigen, gecontroleerd systeem moet scholen meer zekerheid bieden.

In de praktijk kan ‘Telli’ bijvoorbeeld fungeren als schrijfassistent bij literatuuronderwijs. Leerlingen die een betoog schrijven over het toneelstuk Woyzeck krijgen gerichte feedback van de chatbot. De docent houdt daardoor meer tijd over voor individuele begeleiding.

Onderwijs is in Duitsland een deelstaataangelegenheid

Voor Nederlandse lezers is het belangrijk te weten dat onderwijsbeleid in Duitsland niet federaal wordt bepaald, maar per deelstaat. Nedersaksen neemt hier dus zelfstandig het voortouw. Andere deelstaten kunnen volgen, maar zijn daartoe niet verplicht.  Deze gefragmenteerde structuur leidt vaker tot experimenten. Soms ontstaat daardoor innovatie, soms ongelijkheid. Het is goed mogelijk dat AI-toepassingen de komende jaren per deelstaat sterk verschillen.

De keuze van Nedersaksen kan druk zetten op andere deelstaten om eveneens met veilige AI-oplossingen te komen.

Vergelijking met Nederland

Ook in Nederland worstelen scholen met de vraag hoe ze moeten omgaan met AI-tools zoals ChatGPT. Er zijn pilots en richtlijnen, maar een landelijk ontwikkeld en gecontroleerd AI-systeem voor scholen bestaat niet.

In dat opzicht is de stap van Nedersaksen ambitieus. Tegelijkertijd roept het vragen op: hoe voorkom je afhankelijkheid van technologie? Hoe toets je kritisch denkvermogen? En hoe bewaak je de pedagogische rol van de docent? De Duitse aanpak laat zien dat het debat verschuift: van verbieden naar reguleren en integreren.

Politieke context: Groenen zetten in op digitalisering

Dat juist een minister van de Groenen deze invoering presenteert, is geen toeval. In verschillende deelstaten profileren de Groenen zich als voorvechters van digitale modernisering, mits binnen duidelijke ethische kaders.

Tegelijkertijd klinkt er in Duitsland ook kritiek. Vakbonden en sommige onderwijsdeskundigen waarschuwen voor overmatige afhankelijkheid van technologie en vrezen dat fundamentele vaardigheden onder druk komen te staan.

Het debat raakt aan bredere vragen over de toekomst van werk, digitalisering en concurrentiekracht. Duitsland, dat lang werd verweten achter te lopen op digitaal gebied, probeert nu tempo te maken.

Wat betekent dit voor Nederlandse lezers?

Voor Nederland is dit relevant om drie redenen:

  1. Grensregio’s: Nedersaksen grenst direct aan Nederland. Onderwijsinnovaties in deze regio kunnen samenwerking of vergelijking stimuleren.

  2. Europese trend: Als meerdere Duitse deelstaten AI integreren in het onderwijs, ontstaat er een Europese standaardpraktijk.

  3. Beleidsdruk: De Duitse keuze kan het debat in Nederland beïnvloeden. Zeker als de eerste ervaringen positief blijken.

De komende jaren zal blijken of AI daadwerkelijk “zo normaal als elektriciteit” wordt – of dat de praktijk weerbarstiger is.