Berlijn – Na jaren van aanhoudende problemen bij de Deutsche Bahn komt er een einde aan het leiderschap van Richard Lutz. De 61-jarige Bahnchef, sinds 2017 aan het roer van het staatsbedrijf, vertrekt voortijdig. Zijn contract liep officieel tot 2027, maar hij blijft nog slechts aan totdat een opvolger of opvolgster is gevonden.
De mededeling kwam van federaal verkeersminister Patrick Schnieder (CDU), die geen doekjes omwond over de situatie: “De toestand bij de Bahn is dramatisch – op het gebied van klanttevredenheid, stiptheid en economische prestaties.” Volgens Schnieder is het tijd voor een “structurele en personele nieuwstart”.
Dalende stiptheid, rode cijfers
Onder Lutz kreeg de Bahn herhaaldelijk negatieve publiciteit. De infrastructuur raakte steeds verder in verval en de stiptheid in het langeafstandsverkeer zakte van 78,5 procent in 2017 naar slechts 62,5 procent in 2024. Ook financieel verkeert de onderneming in zwaar weer: al jaren schrijft de Bahn rode cijfers.
Politieke stemmen, vooral uit CDU en CSU, verwijten de top dat beloften over netwerksanering en betere stiptheid niet zijn nagekomen. Tijdens het EK voetbal van 2024 in Duitsland bereikte de chaos een nieuw dieptepunt, met nog minder treinen die op tijd aankwamen – zelfs buitenlandse media maakten er toen grappen over.
Nieuwe koers in september?
Op 22 september presenteert Schnieder zijn “Agenda voor tevreden klanten op het spoor” – een hervormingsplan dat de spoorwegen efficiënter en financieel gezonder moet maken. Het streven is om tegen die tijd ook de nieuwe topman of -vrouw te kunnen voorstellen.
De vakbond EVG waarschuwt intussen voor een “leiderschapsvacuüm” dat de situatie verder kan verslechteren. De Groenen vinden dat het vertrek van Lutz op zichzelf niets oplost en pleiten voor meer controle door de overheid en extra investeringen.
Peter Westenberger, directeur van concurrentenvereniging Die Güterbahnen, ziet juist kansen: “Er is nu ruimte voor een nieuwe strategie en nieuwe gezichten.”
