Armoede onder ouderen in Berlijn neemt fors toe

Oudere mensen lopen over een straat in Berlijn.
AI-illustratie

Steeds meer Berlijnse ouderen afhankelijk van bijstand en huurtoeslag

Steeds meer ouderen in Berlijn zijn afhankelijk van financiële steun van de overheid. Uit nieuwe cijfers blijkt dat zowel het aantal senioren dat een aanvullende bijstandsuitkering ontvangt als het aantal ouderen met huurtoeslag de afgelopen jaren sterk is gestegen. Vooral de hoge woonlasten drukken steeds zwaarder op het inkomen van gepensioneerden. De cijfers zijn afkomstig uit een antwoord van de Duitse regering op vragen van de fractie van Die Linke (Links) in de Bondsdag.

Aantal ouderen met aanvullende bijstand sterk gestegen

Eind 2024 ontvingen ruim 60.000 Berlijners die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt een aanvullende bijstandsuitkering. In 2016 waren dat nog ongeveer 41.000. Dat betekent een stijging van ongeveer 50 procent in negen jaar.

Ook in verhouding tot het totale aantal ouderen valt Berlijn op. Ongeveer 8,8 procent van alle inwoners boven de AOW-leeftijd is er afhankelijk van deze aanvullende inkomenssteun. Landelijk ligt dat aandeel met 4,1 procent aanzienlijk lager.

Huurtoeslag steeds belangrijker

Ook het aantal oudere inwoners dat huurtoeslag ontvangt, is fors toegenomen. Tussen 2015 en 2024 steeg dat aantal van ruim 8.000 naar meer dan 33.000. Daarmee is het bijna verviervoudigd. Volgens de cijfers wijzen deze ontwikkelingen erop dat de stijgende woonkosten een steeds groter financieel risico vormen voor oudere inwoners van de Duitse hoofdstad.

Landelijk is een vergelijkbare stijging zichtbaar. Daarbij speelt wel mee dat de Duitse regering de regels voor huurtoeslag in 2023 verruimde, waardoor meer huishoudens ervoor in aanmerking kwamen.

Ook na een lang arbeidsleven een laag pensioen

Uit de gegevens blijkt bovendien dat veel mensen die veertig jaar of langer hebben gewerkt, toch een relatief laag pensioen ontvangen. Daarbij gaat het om pensioenuitkeringen van minder dan 1.446 euro per maand. Dat bedrag geldt in Duitsland als een belangrijke indicator voor armoede onder ouderen.

Berlijn scoort ook op dit punt ongunstig in vergelijking met de rest van Duitsland. Bij ruim 30 procent van de mannen en bijna de helft van de vrouwen ligt het pensioen onder deze grens.

Vrouwen lopen groter risico

Vrouwen worden in Berlijn, net als in de rest van Duitsland, duidelijk vaker getroffen door factoren die kunnen leiden tot armoede op latere leeftijd dan mannen. Dat geldt ook al ontvangen vrouwen in de Oost-Duitse deelstaten gemiddeld vrijwel evenveel pensioen als mannen.

Kosten voor de overheid lopen op

De groeiende armoede onder ouderen heeft ook gevolgen voor de overheidsfinanciën. Volgens de Berlijnse Senaat (het dagelijks bestuur van de deelstaat Berlijn) stegen de uitgaven voor de aanvullende bijstand voor ouderen van ruim 287 miljoen euro in 2020 naar meer dan 521 miljoen euro in 2025.

Tegelijkertijd wil de Duitse regering de beschikbare middelen voor huurtoeslag terugbrengen van vijf naar drie miljard euro. Volgens de regering is daarvoor de krappe begroting de aanleiding. Die Linke, die de cijfers opvroeg, waarschuwt dat de voorgenomen hervormingen van het pensioen- en huurtoeslagbeleid het risico op armoede onder ouderen verder zullen vergroten.