Het Stadtmuseum Berlin krijgt een nieuwe naam. Voortaan presenteert de instelling zich als Berlin Museum. Met de naamswijziging wil het museum duidelijker maken dat Berlijn zelf centraal staat: niet alleen de geschiedenis van de Duitse hoofdstad, maar ook het dagelijkse leven en actuele thema’s.
Het Berlin Museum is geen museum op één adres. De instelling beheert verschillende historische locaties en tentoonstellingen verspreid over de stad. In 2025 trokken die samen ongeveer 240.000 bezoekers, zeven procent meer dan een jaar eerder.
Berlin Museum moet herkenbaarder worden
Volgens artistiek directeur Sophie Plagemann is de instelling de afgelopen jaren sterk veranderd. Er kwamen nieuwe onderwerpen en presentatievormen en het museum ging intensiever samenwerken met inwoners van de stad. Die ontwikkeling moest volgens haar ook zichtbaar worden in de naam en uitstraling.
De keuze voor Berlin Museum moet bovendien de herkenbaarheid vergroten. De naam is internationaal begrijpelijk en legt onmiddellijk de nadruk op de stad. Het museum wil zich nadrukkelijk niet uitsluitend met het verleden bezighouden, maar ook met het hedendaagse en alledaagse Berlijn.
De bestaande namen van de afzonderlijke locaties verdwijnen overigens niet. Nikolaikirche, Ephraim-Palais, Knoblauchhaus en Museumsdorf Düppel blijven onder hun vertrouwde naam bestaan, maar de overkoepelende naam Berlin Museum wordt voortaan duidelijker vermeld.
Ook de tentoonstelling Berlin Global in het Humboldt Forum behoort tot de instelling. Daarnaast maakt het atelier van kunstenares Jeanne Mammen aan de Kurfürstendamm deel uit van het Berlin Museum.
Huisstijl geïnspireerd op Berlijn
Ook de nieuwe huisstijl verwijst naar de stad. Het lettertype combineert elementen uit onder meer Berlijnse straatnaamborden, U-Bahn-stations en handgeschilderde borden van Spätis, de typische Berlijnse avondwinkels. Ook de kleuren zijn geïnspireerd op het straatbeeld. De collectie van het Berlin Museum omvat ongeveer 4,5 miljoen objecten en documenten. Volgens de instelling behoort het daarmee tot de grootste stadshistorische musea van Europa.
Groot nieuw museumcomplex vanaf 2029
De grootste verandering moet de komende jaren plaatsvinden bij het Köllnischer Park in de wijk Mitte. Daar worden het Märkisches Museum en het tegenovergelegen Marinehaus verbouwd. Samen moeten ze een nieuw cultureel en creatief complex vormen.
Volgens de huidige planning worden de gebouwen in 2028 opgeleverd: het Marinehaus waarschijnlijk in juli en het Märkisches Museum in november. Daarna heeft het Berlin Museum naar verwachting nog ongeveer een jaar nodig voor de inrichting.
Het Märkisches Museum wordt de belangrijkste tentoonstellingslocatie voor de geschiedenis van Berlijn, met grotere ruimtes voor vaste en tijdelijke exposities. Ook de toren wordt voor het eerst toegankelijk voor bezoekers, waardoor er een nieuw uitzichtpunt over de stad ontstaat.
Het Marinehaus krijgt een andere functie. Daar komen onder meer een grote evenementenruimte, ateliers voor kunstenaars, werkplaatsen en een ruim foyer. Het museum wil er onderwerpen over Berlijn ook via andere kunst- en presentatievormen behandelen.
240.000 bezoekers in één jaar
De verschillende locaties van het Berlin Museum trekken uiteenlopende publieksgroepen. Berlin Global in het Humboldt Forum ontving in 2025 ongeveer 77.000 bezoekers en trekt volgens Plagemann relatief veel jonge en internationale gasten.
Het Knoblauchhaus en Museumsdorf Düppel bereiken juist relatief veel mensen die anders weinig naar musea gaan. In Düppel gaat het vooral om gezinnen, van wie een deel regelmatig terugkomt vanwege de activiteiten rond ‘living history’, waarbij het verleden zo levensecht mogelijk wordt uitgebeeld.
Bij alle locaties geldt inmiddels dat bezoekers die recht hebben op het gereduceerde tarief niets betalen. Dat geldt onder anderen voor jongeren onder de 18 jaar, studenten, mensen met een beperking en ontvangers van bepaalde sociale uitkeringen.
Bezuinigingen treffen ook Berlin Museum
Tegelijkertijd heeft ook het museum te maken met de bezuinigingen van de Berlijnse deelstaatregering. In 2025 moest drie procent worden bespaard en in 2026 twaalf procent. Volgens Plagemann zijn onder meer investeringen uitgesteld en is geprobeerd efficiënter te werken. Ze wijst erop dat de financiële situatie voor kleinere culturele instellingen en onafhankelijke organisaties in Berlijn nog veel ernstiger is.
Ondertussen werkt het museum verder aan nieuwe tentoonstellingen. In september opent in het Ephraim-Palais „Geteiltes Leben”, waarin acht kunstenaars met een migratieachtergrond en hun werk in Berlijn centraal staan. In oktober volgt in de Nikolaikirche een geluidsinstallatie van kunstenares Annika Kahrs over de kerk als plek voor muziek en klank.
De nieuwe naam Berlin Museum moet al die verschillende locaties en activiteiten voortaan duidelijker met elkaar verbinden.
